Leren door te doen

Tijdens een samenwerk-dag in het Staatshuys interviewde Chantal van Thor. onze adviseur van het eerste uur, Margit Bouman, over haar bijzondere opdracht in Oisterwijk. Daar staat het verminderen van wachtlijsten in de jeugdzorg hoog op de agenda. Oisterwijk is één van de drie gemeenten in de regio (met elf gemeenten) die een pilot zou starten om deze opgave aan te gaan. Margit was bijna twee jaar lang als projectleider betrokken om deze pilot vorm te geven. In deze blog nemen we u mee in de weg die zij en het projectteam bewandelde.

 
Ontdekken door te vragen

Bij binnenkomst in de gemeente waren twee dingen helder; 1. het doel: In 2030 wachtlijstvrij en 2. waar de pilot uitgevoerd zou worden: (onder andere) gemeente Oisterwijk.
Hoe, door wie en met wie de pilot ontwikkeld en uitgevoerd moest worden, moest nog bedacht worden. Het begon allemaal met ontdekken wat er speelt. Waar lopen we tegenaan? En Waar kunnen we überhaupt iets tegen doen? Hierover werd gesproken met jonge ervaringsdeskundigen en ambassadeurs die via bestaande contacten zijn aangesloten bij de pilotgroep. De ambassadeurs zijn individuele begeleiders van de scholen, school maatschappelijk werkers, zorgaanbieders, consulenten en beleidsmedewerkers.

Over de vraag of er onverwachte wendingen waren tijdens de opstart van het proces denkt Margit even na. Vervolgens begint ze te vertellen over de verschillende zienswijzen die ze in het begin opmerkte. Wat eerst leek op onwelwillendheid of een conflict bleek achteraf onwetendheid of gewoon een andere visie. Hierdoor kwam een herinnering naar boven van het werken als opbouwwerker in een ver verleden. Daar kreeg ze te maken met jongeren die overlast veroorzaakten in de wijk. “Maar die jongeren hadden zelf helemaal niet door dat ze zoveel kabaal maakten. En wie wel? Ga zelf maar eens stil staan tijdens een willekeurig feestje. Grote kans dat je veel harder praat dan je beseft.” Door deze herinnering kwam Margit op het idee een rollenspel te doen. Zo kwamen ze erachter waar iederéén moeilijkheden mee ervaart. De algemene strekking was wel duidelijk, de wachttijden in de jeugdzorg zijn te lang. Daardoor waren ze in eerste instantie deze pilot gestart. Toch bleek er ook een andere trend gaande waar iedereen gevolgen van merkte.

 

Wat eerst leek op onwelwillendheid of een conflict, bleek achteraf onwetendheid of gewoon een andere visie.

Als de behandeling in jeugdzorg erop zit komt een jeugdige weer in het dagelijks leven terecht. Er is een signaleringsplan opgesteld waarin handvatten staan waardoor de jongere zelf verder kan. Tot de jongere vervolgens een ‘foute’ vriendin tegenkomt, vader ziek wordt of die ene vriend verhuist. Het blijkt dat jongeren in zulke nieuwe situaties niet altijd voldoende weerbaar zijn om hiermee om te gaan. “Sommige jongeren komen wel 12 keer terug binnen jeugdzorg”, vertelt Margit en we zijn beiden even stil. In 18 jaar 12 keer naar een hulpverlener stappen. Dat moet voor veel jeugdigen anders kunnen.


“Sommige jongeren komen wel 12 keer terug binnen jeugdzorg.”

 

Proberen door te weten

Margit belde met alle zorgaanbieders in de gemeente en ze sprak met alle schoolbesturen. Iedereen was het erover eens dat de mate van terugval aangepakt kon worden. Ook de dakpanconstructie werd met vertrouwen en enthousiasme ontvangen. “We gaan van aansluitende naar overlappende trajecten”. Na het maken van een signaleringsplan wordt tijdens de behandeling én op school geoefend met de geboden handvatten. Vervolgens wordt de behandeling afgesloten, maar gaat de ondersteuning op school door. De jongere en diens ouder(s)/verzorger(s) leren de geleerde handvatten in te zetten en hun (oude) gedrag te signaleren. Op die manier wordt handelen naar het signaleringsplan een gewoonte. Een terugval is tijdig te signaleren en op te anticiperen. Daardoor is een nieuwe indicatie niet nodig.

“Dit gaat werken! Kreeg ik te horen. We zorgden ervoor dat partners mee wilden doen en nu betrokken blijven door hen mede-eigenaar van de oplossing te laten zijn”, geeft Margit aan als succesfactor. Ze omschrijft haar rol gedurende het proces als het vinden van evenwicht tussen luisteren naar inbreng en knopen doorhakken. Ze heeft de uitvoering uitgesteld toen de start van de pilot veel spanning opleverde door zaken die nog niet helder waren. Een aantal maanden later hakte ze toch de knoop door, terwijl nog wel honderd andere zaken niet vast stonden. “We wisten niet waar we zouden uitkomen. Sterker nog, we wisten dat we fouten zouden maken en durfden dit te laten gebeuren.” Het werd dus echt: “Leren door te Doen.”.


“We zorgden ervoor dat partners mee wilden doen en nu betrokken blijven door hen mede-eigenaar van de oplossing te laten zijn”

 

 

Leren door te doen

Tijdens het proces gebruikten ze een snelkookpan methode. Iedere week kwamen de ambassadeurs samen. De eerste twee weken bespraken ze signalen of hiaten in de werkwijze. In de derde week speelden ze hierop in. In de derde week kwamen ze anderhalf uur lang fysiek samen. Deze tijd werd gebruikt om eerst van alle kanten goed te analyseren wat er gebeurt was om vervolgens oplossingen te bedenken en tot handelen te komen. “We keken gezamenlijk wat anders kon en hoe we dat konden inrichten.”

De meest gestelde vraag over de werkwijze is de manier van monitoren. Het is een terechte vraag, maar één met een complex antwoord. Wachtlijsten in de jeugdzorg zijn niet alleen afhankelijk van terugkerende jeugdigen. De wachtlijsten lopen opnieuw op door de druk op de gecertificeerde instellingen, door de gevolgen van de pandemie en door de prestatiesamenleving. Pas op de langere termijn is te zien of jongeren minder vaak een herindicatie krijgen. Toch spreken de zorgaanbieders en de tot nu toe deelnemende scholen nu al van een succes. De samenwerking wordt als veel positiever ervaren dan voorheen. Voor nu is dat al een mooi resultaat.

 

De samenwerking wordt als veel positiever ervaren dan voorheen.

Bij haar vertrek werd aan Margit gevraagd: “Hoe houden we het enthousiasme vast?” Ik voel dat ze geëmotioneerd raakt, maar zich ook trots voelt. Vervolgens hebben we het over de manier waarop de ambassadeurs gekozen zijn. Ze hebben allen de ‘We hebben het al zo druk’ mentaliteit achter zich gelaten en staan allen voor het motto: ‘We gaan het samen doen’. Ik kom tot de conclusie dat zij misschien wel geselecteerd zijn op hun enthousiasme over de pilot. “Ja”, begint Margit. “Daar heb je mooi geconstateerd. Ik denk dat we een sterke basis hebben gelegd. De manier van werken veranderd altijd als iemand anders de leidende rol inneemt. Dat hoort bij ons werk, maar we hebben er allemaal vertrouwen in dat dit werkt.”

De laatste vraag die ik aan Margit stel vraagt niet om een introductie. Met de volgende afsluitende woorden rest mij niets anders dan te zeggen dat we trots mogen zijn op een collega als Margit.

 

“Leren door te doen doe ik eigenlijk mijn hele leven al. Dit was de eerste keer dat ik het in mijn werk heb gebruikt. Soms denk ik: Moet je daar nou 60 voor worden om te leren? Blijkbaar stopt dat leren nooit.”

 

 

Margit Bouman referenties aanbestedingstraject psz samenhangende netwerkaanpak projectleiderschap cjg transformatie voorzieningen

Margit Bouman

Oud-collega